Van de voorzitter: Lokale partijen

De VVD is een lokale partij, althans we zijn als nationale partij lokaal vertegenwoordigd. Maar uiteindelijk is alle politiek allereerst lokaal. Iedere kiezer woont ergens in een straat in een gemeente en het is daar waar die kiezer de overheid ontwaart, en er iets van vindt en er iets van wil. Het is ook daarom dat de betrekkelijk nieuwe ‘onafhankelijke’ partijen succesvol zijn in de gemeenteraadsverkiezingen, in Rijswijk en elders.

Lokale partijen buigen zich allereerst over enkele heel lokale kwesties waar de traditionele, nationale, overigens evenzogoed ‘onafhankelijke’ partijen zich niet vanzelfsprekend en onmiddellijk hevig in mengen. In Rijswijk: het (toch maar weer invoeren van dat) pontje, het (toch maar weer in gebruik nemen van het) oude stadhuis, (de gedwongen verhuizing van) de pizzeria Casanova, de (niet rendabele maar toch maar weer gesubsidieerde) dierenopvang en (de onafwendbare komst van) het AZC. Kwesties die de ‘onafhankelijken’ heel groot maken en in het centrum van het debat plaatsen, vaak op verongelijkte toon, alsof de traditionele partijen, zoals de VVD, sowieso ten nadele beslissen van iedereen in iedere kwestie.

Bij de VVD snappen we dat mensen het belangrijk vinden om weer te kunnen trouwen in het oude stadhuis en dat het eindigen van het pontje voor de mensen die er gebruik van maakten meer dan een vervelende ervaring was. Maar er wonen bijna 50.000 mensen in Rijswijk en die gaan niet allemaal met het pontje en die trouwen niet allemaal in het oude stadhuis. Het besturen van een stad gaat over andere en vooral meer dan die kwesties.

Vergelijk in Nederland de lokale onafhankelijke partijen met de Partij voor de Dieren. Je neemt één onderwerp, het lot van dieren, en maakt je daar hard voor. Van de 220 parlementaire dagen gaat het bij elkaar opgesteld misschien 1 dag werkelijk over dieren. Voor alle overige dagen word je geacht ook even een mening te hebben over de andere onderwerpen die het parlement op de agenda zet. Nu kun je proberen om voor ieder onderwerp een verband te leggen met dierenwelzijn: hoe grijpt de justitiebegroting in op dierenwelzijn, wat betekent verhoging van de maximum snelheid op de Nederlandse snelwegen voor dieren – het is wel telkens een wat gezocht verband, maar met wat fantasie en creativiteit kom je een eind. Uiteindelijk weet je als kiezer niet wat de Partij voor de Dieren gaat doen met kwesties die zich niet verhouden met dierenwelzijn. Je moet er dan maar vertrouwen in hebben dat zij iets verstandigs doen met je stem, of het moet je niet uitmaken: jij vindt alleen dieren belangrijk en verder helemaal niets.

Je kunt met je kiezers in Rijswijk praten over het pontje en het oude stadhuis. Je kunt het ook hebben over creëren en behouden van werkgelegenheid, stimuleren van de lokale economie, zorgen voor de veiligheid, voor goede doorstroom van verkeer, zeg maar de dingen die van belang zijn als je een stad bestuurt. Ik zeg niet dat het pontje en het oude stadhuis onbelangrijk zijn. Maar er zijn méér dingen belángrijker.

Steeds sterker heb ik de indruk dat de toon van de lokale politiek niet alleen in Rijswijk maar op heel veel meer plaatsen in Nederland wordt bepaald door mensen die met een paar kwesties op de agenda heel veel lawaai maken en verder niets oplossen. Die een negatieve sfeer vol potentieel conflict veroorzaken met veel onderlinge ruzies en die de voor het besturen noodzakelijke en onvermijdelijke samenwerking tussen alle partijen bemoeilijken. Die de traditionele partijen beschuldigen van geheime agenda’s en van het benadelen en bestelen van burgers.

Besturen is moeilijk en dat blijkt als je de dagelijkse praktijk van de lokale onafhankelijke partijen bekijkt. Achterdocht en wantrouwen worden als politieke marketing ingezet tegen de bestaande, traditionele partijen. Maar net als de Partij voor de Dieren het dierenwelzijn aan iedere kwestie zal moeten proberen te verbinden, zo moet een lokale onafhankelijke partij dat wantrouwen aan iedere kwestie plakken. Dat is een stuk gemakkelijker dan dierenwelzijn, dat vergt een stuk minder fantasie en creativiteit. Je beschuldigt simpelweg alle mensen die er tot heden voor verantwoordelijk waren de stad en het land zo goed mogelijk te besturen van wat je maar kunt verzinnen, en je komt een eind.

Ik vind het steeds moeilijker om geduld op te brengen met de lokale onafhankelijke partijen. We moeten dat omdat wij samen met hen de stad moeten besturen, al dan niet in coalitie nu en in de toekomst. Ik zie onder hen schaamte verwekkende scheldpartijen. Ik zie amateurisme, gebrekkig en schraal denken, vriendjespolitiek, mankerende partijorganisaties, belangenverstrengeling, handjeklap, politieke spelletjes: ik zie alles waardoor burgers politici wantrouwen. En ik zie vooral precies die dingen waarvan juist deze partijen de traditionele partijen, de VVD, ons, mij beschuldigen. Ik vind het een treurige vertoning en ik hoop dat het snel stopt. Ik hoop dat de kiezer hier de volgende gemeenteraadsverkiezingen in 2018 mee afrekent en ik hoop dat wij als VVD overtuigend kunnen laten zien dat precies dat heel erg nodig is.

Ik zei al: besturen is moeilijk. Ik zal nooit zeggen dat wij het allemaal goed doen, dat het onder onze handen allemaal voor mekaar is, dat er door VVD’ers geen fouten worden gemaakt. Maar precies die eerlijkheid en die reflectie en dat fatsoen is wat lokale onafhankelijke partijen zo vreselijk nodig hebben.

Met vriendelijke groet,
René Siccama Hiemstra,
voorzitter